Daniël Haers: bezige bij ook na de pensionering

“Ik ben de oudste van acht kinderen uit een landbouwersgezin. Interesse in landbouwmachines had ik al van jongs af aan. In 1969 studeerde ik af als technisch ingenieur mechanica. Ik kon onmiddellijk aan de slag bij de firma Claysen/New Holland in Zedelgem. Drie jaar heb ik er met veel enthousiasme gewerkt. Ik was kwaliteitsverantwoordelijke en op die manier de verbindingspersoon tussen productie en leverancier. Het was een mooie periode, dankzij de job heb ik heel Europa gezien. Tussen 1969 en 1972 volgde ik nog een bijkomende B1 opleiding in de bedrijfsorganisatie.”

Werk in eigen streek

“In 1972 kreeg ik de kans om aan de slag te gaan in de Heilig Hartkliniek in Eeklo, dat toebehoorde aan de Zusters Kindsheid Jesu. De opportuniteit om in eigen streek te werken, liet ik niet liggen. Ik startte als hoofd van de technische dienst en groeide op termijn door tot technisch directeur. Mijn tweede werkgever was meteen ook mijn laatste want tot aan mijn pensionering was ik actief in het Heilig Hart Ziekenhuis. Aan projecten en uitdagingen was er geen gebrek. De focus lag vooral op het energievraagstuk, mede ingegeven door de energiecrisissen van 1973 en 1978.  Eén van mijn opdrachten was het optimaliseren van de bestaande verwarmingsinstallaties, onder meer door de aanschaf van nieuwe ketels. Vermeldenswaard is de aanschaf van een verbrandingsoven gekoppeld aan warmterecuperatie. Twee jaar later kregen we hiervoor de rekening gepresenteerd: de overheid verplichtte ziekenhuizen om 10% te besparen op hun energiekosten. Voor ons een onmogelijke zaak want het jaar voordien hadden we al besparing van 50% gerealiseerd.”

Coördinatie bouwwerken

“Een tweede rode draad in mijn loopbaan in het ziekenhuis was de coördinatie van uiteenlopende bouwprojecten, doorgaans gefinancierd met eigen middelen. In de loop der jaren bouwden we onder meer een labo, een apotheek, een rusthuis, een klooster, een school voor verpleegkundigen, een prematuurafdeling, enz. Om het beeld compleet te maken: ook de uitbouw van de veiligheidsdienst behoorde tot mijn takenpakket. Als hoofd van de technische dienst had ik een gevarieerde job met zware verantwoordelijkheden. In die periode telde de technische dienst 12 “klassieke” medewerkers waaronder schilders, schrijnwerkers, loodgieters en hoveniers. In 2004 zegde ik de Heilig Hart Kliniek vaarwel. Ik bleef de ontwikkelingen van het ziekenhuis nog wel volgen.”

Inzetten op onderwijs

“De VTDV heeft voor mij altijd een bijzondere betekenis gehad als inspiratie- en kennisbron tijdens mijn loopbaan. In 1976, bij de studie voor een eventuele inrichting van een afdeling radio-isotopen, kwam ik in contact met Lucien Wullaert. Tot op dat moment richtte de VTDV zich vooral op OCMW’s en openbare besturen, nadien konden ook technische directeurs van private instellingen lid worden. Eerst was ik “gewoon” lid, nadien werd ik bestuurslid tot 2002. We organiseerden vele activiteiten waaronder scholingen en bedrijfsbezoeken, en vanzelfsprekend ook de jaarlijkse beurs. De onderlinge vriendschap en het uitbouwen van een netwerk vormen de meerwaarde van de VTDV. Door even te bellen met een medelid hoefde je ook niet telkens weer het warm water uit te vinden. Eerlijk gezegd: het contact is nu wel enigszins verwaterd, hoewel het tijdens de beurs en de samenkomsten van de senioren wel telkens weer een blij weerzien. Ik heb het idee dat de VTDV nog steeds zinvol bezig is en zijn missie waarmaakt. Mogelijks kan de vereniging nog meer van betekenis zijn door jongeren aan te zetten tot het kiezen voor een technische opleiding. Ziekenhuizen zullen immers altijd nood hebben aan goed onderlegde technische medewerkers,” besluit Daniël Haers.