Ziekenhuishygiëne gaat veel verder dan netheid alleen. Het gaat ook over alle preventie- en controlemaatregelen die de instelling neemt tegen het overdragen van infecties binnen haar muren. Al het ziekenhuispersoneel wordt bewustgemaakt van de goede praktijken in dat verband en patiënten en bezoekers worden ook opgeroepen om ze toe te passen.
 

Een van de grootste zorgen in elk ziekenhuis is de strijd tegen infecties. En met reden: als huis voor zorgverstrekking is het ziekenhuis ook een plek vol risico omdat er zoveel microben, virussen en bacteriën aanwezig zijn die een infectie kunnen veroorzaken. « De infecties waar verzorgingsinstellingen mee te maken krijgen, kunnen van buitenaf komen of in de instelling opgelopen worden », legt Dr. Rémy Demeester uit, ziekenhuishygiënedokter en infectioloog in het Centre Hospitalier Universitaire de Charleroi (CHU de Charleroi-ISPPC). « De eerstgenoemde worden communautaire infecties genoemd en de laatstgenoemde zijn de zorggerelateerde infecties (HAI*). »
 

Tal van risicofactoren
De ziekenhuispatiënt wordt tijdens zijn verblijf aan tal van technische handelingen onderworpen: bloedafnames, injecties, transfusies, chirurgische ingrepen enz. Elke van die handelingen houdt een risico in voor overdracht van ziektekiemen en parasieten via het personeel of de medische apparaten. De infectie wordt als zorggerelateerd beschouwd als ze minstens 48 uur nadat de patiënt in het ziekenhuis is binnengekomen de kop opsteekt. « Als het over zorggerelateerde infecties gaat, zullen de patiënten die de betreffende zorgen toegediend krijgen niet noodzakelijk allemaal iets dergelijks ontwikkelen », merkt Cécile Guillaume op, ziekenhuishygiëneverpleegster in het CHU de Charleroi-ISPPC. « Want of je al dan niet een infectie oploopt, hangt ook af van het profiel van de patiënt, van de kwetsbaarheid van die persoon, zijn chronische aandoeningen en van hoe zwaar de medische procedures zijn die hij moet ondergaan. »
 

Zowel voor de communautaire infecties als de HAI geldt dat de bacteriën multiresistent kunnen worden en bijgevolg nog enkel gevoelig zijn voor een heel klein aantal antibiotica. « De laatstgenoemde zijn niet agressiever dan de bacteriën die geen resistentie verworven hebben, maar ze bemoeilijken de behandeling », verduidelijkt Dr. R. Demeester. « Men hoort vandaag de dag vaak MRSA (Meticillineresistente Staphylococcus aureus) of CPE (Carbapenemase producerende Enterobacteriaceae) noemen. In die gevallen moeten wij alle nodige maatregelen nemen om een epidemie binnen het ziekenhuis of de overdracht van de bacteriën op andere patiënten te voorkomen. »
 

Gestructureerde bewakingsdiensten
Het risico op infectie beheren en het ontstaan van kiemen die multiresistent zijn tegen antibiotica onder controle houden zijn hoofdelementen in de kwaliteitszorg van een zorginstelling. Om op dat vlak goed te scoren, voorziet de wet dat elk ziekenhuis moet beschikken over een team van specialisten die belast zijn met de veiligheid van de gezondheid in de instelling. Het ziekenhuishygiëneteam van het Centre Hospitalier Universitaire de Charleroi bestaat uit twee artsen – een microbioloog en een infectioloog – en drie ziekenhuishygiëneverple(e)g(st)ers. « Onze teamleden zijn zeer complementair aangezien we beschikken over een ziekenhuishygiënedokter in het laboratorium, die dus aan de bron zit als het over de bacteriologische resultaten gaat, over een hygiënedokter-infectioloog die in rechtstreeks contact staat met de dokters-clinici van het ziekenhuis, en over drie ervaren verplegers/ verpleegsters die op het terrein werken, in samenwerking met alle andere ziekenhuisteams », onderstreept Dr. R. Demeester. Samen werken zij strategieën uit en voeren ze de maatregelen door die nodig zijn om de risico’s voor een infectie of infectieuze complicaties bij de ziekenhuispatiënten te vermijden. « Een van de belangrijkste preventiemaatregelen is de bewustmaking en educatie van de verschillende spelers in het ziekenhuismilieu », licht C. Guillaume toe. « En ze richten zich daarbij niet alleen tot het verzorgend personeel, de artsen en verplegers, maar tot iedereen met wie de patiënten direct of indirect in contact komen, zoals paramedici, keukenpersoneel, schoonmaakpersoneel enz., en ook de bezoekers en ten slotte de patiënten zelf. Alle ziekenhuisactoren moeten de preventie van infecties ter harte nemen. »
 

Een sterk netwerk
Naast het Equipe Opérationnelle d’Hygiène Hospitalière (EOHH – Operationeel Team voor de ZiekenhuisHygiëne (vert.)) werken ziekenhuishygiënereferenten – die binnen de verschillende hospitalisatie-eenheden, medisch-technische en consultatiediensten aanwezig zijn – mee aan het bekendmaken van de procedures en aanbevelingen aangaande de hygiëne bij hun collega’s. Hun opdracht bestaat er ook in om de concrete behoeften van de actoren op het terrein in te schatten en die aan het EOHH te melden. « Het is voor ons van essentieel belang om banden te scheppen met alle betrokkenen zodat ze beter meewerken », merkt C. Guillaume op. « We bereiken dat dankzij het grote communicatienetwerk dat we opgebouwd hebben en dat vaste vorm krijgt door onze geregelde passages in de verzorgingseenheden, de regelmatige vergaderingen met onze referenten en onze veelzijdige intranetsite. »
De actoren op het terrein bij het denken over en het uitwerken van instructies betrekken draagt ertoe bij dat die instructies vervolgens ook effectief toegepast worden. « Wij herwerken ook de procedures door middel van heel praktische workshops en sensibiliseren onze medewerkers aangaande de goede maatregelen om aan te nemen of toe te passen door het organiseren van onze simulatieoefening, die we ‘de foutenkamer’ noemen. » De filosofie van het ziekenhuishygiëneteam is gebaseerd op het overstijgen van de klassieke scholing, om ze in een interactieve pedagogische dimensie te integreren met als doel de kritische geest van de actoren op het terrein aan te scherpen. « Door hun kritische geest te ontwikkelen, maken wij onze medewerkers meer bekwaam om autonoom te handelen », benadrukt C. Guillaume.
 

Periodieke opleidingsvergaderingen
Vanuit een globale aanpak om de zorgkwaliteit continu te verbeteren, werkt het CHU de Charleroi-ISPPC mee aan de regionale en nationale bewakingsprojecten m.b.t. de zorggerelateerde infecties en de draagkiemen van antibioticaresistenties en aan de jaarlijkse promotiecampagnes voor een betere handhygiëne. « Elke provincie van het land heeft haar platform voor overleg over de ziekenhuishygiëne », legt Dr. R. Demeester uit. « Wij zijn gelinkt aan het regionaal platform van Henegouwen. Om de twee maanden komen wij met onze Henegouwse collega’s samen voor een gedachtewisseling over de recente ontwikkelingen en de goede praktijken. Twee vertegenwoordigers van het regionaal platform gaan vervolgens naar de vergaderingen van het federaal platform. De aandacht die aan de ziekenhuishygiëne geschonken wordt, is een sterk onderdeel van ons volksgezondheidsstelsel. Ze moet zeker behouden en nog zoveel mogelijk verbeterd worden. »
 

De infrastructuren en het materiaal zijn kwaliteitsvol
Het EOHH van het CHU de Charleroi-ISPPC ten slotte is betrokken bij de keuze van het ziekenhuismateriaal, maar ook bij de bouw en verbouwing van de infrastructuren. « Kan het materiaal opnieuw steriel gemaakt of hergebruikt worden? Helpt het de veiligheid van de patiënt of van het personeel vergroten? Een tip met betrekking tot de ziekenhuishygiëne kan nuttig zijn bij het vastleggen van de selectiecriteria voor het nieuwe materiaal of de verlenging van de opdrachten en contracten. En dat geldt evengoed voor de nieuwe inrichtingen die voorzien worden binnen het ziekenhuis, ongeacht of die van structurele dan wel functionele aard zijn », merkt Dr. R. Demeester op. « De ziekenhuishygiëne is een afdelingsoverschrijdende activiteit en precies daarom onderhouden wij nauwe contacten met de directie van de instelling. »
 

De vergaderingen van het Ziekenhuishygiënecomité, waar de Directie van het ziekenhuis aan deelneemt en die zesmaal per jaar georganiseerd worden, vergroten de uitwisseling tussen de verschillende raadgevende en besluitvormende machten in de instelling.
 

(*) Healthcare-associated Infections