Samen met Wilfried Lenaerts van de technische dienst en preventieadviseur Johan Michiels trekken we naar campus Pellenberg van het UZ Leuven. Daar openden op 11 september jongstleden de deuren van de nieuwe therapietoren. Flexibiliteit was het sleutelwoord bij het uitdenken van het concept.

 

De bouw van deze therapietoren kadert in het masterplan dat de invulling van de verschillende campussen van het UZ Leuven herschikt. Vroeger kon je namelijk op vier verschillende campussen terecht voor chirurgische activiteiten: Gasthuisberg, Pellenberg, Lubbeek en de stadscampus Sint-Rafaël. In 2005 werd beslist om alle kritische diensten te concentreren op één campus, in Gasthuisberg, waarbij de andere campussen een andere rol zouden krijgen. Zo verdwijnt de stadscampus beetje bij beetje. Alleen het meest recente gebouw, dat in de jaren ’70 in gebruik genomen werd en bekendstaat als de VCTB-toren, krijgt mogelijk nog een nieuw leven als welzijnstoren. Het ziekenhuis in Lubbeek werd overgedragen aan het UPC en is nu een aparte entiteit.

 

UZ Leuven Therapietoren PellenbergPellenberg onderscheidt zich ondertussen als de revalidatiecampus, specifiek uitgerust voor langverblijf. De therapietoren is daar een eerste indrukwekkend resultaat van. Wilfried Lenaerts: “Vanuit die visie werd in 2005 een wedstrijd uitgeschreven waarop heel wat bureaus inpikten. We ontvingen heel wat ontwerpen, in uiteenlopende stijlen. We kozen uiteindelijk voor een concept waarbij uitgegaan werd van een renovatie van het bestaande ziekenhuis die het ontwerp van de jaren ’50 respecteert en nieuw leven inblaast. Je moet weten dat dit ziekenhuis oorspronkelijk opgevat werd als een sanatorium om de vele longproblemen aan te pakken die de koolmijnen destijds veroorzaakten. In de jaren ’70 werd het dan grondig verbouwd en kwamen er onder meer orthopedische chirurgiezalen. Die zijn tot op vandaag nog in gebruik, net zoals onze afdeling intensieve zorgen onder meer, maar in de loop van 2018 of ten laatste 2019 verhuist dit alles naar Gasthuisberg.”

 

De veranderende functies en bestemmingen van het ziekenhuis zorgden er na verloop van tijd voor dat de infrastructuur niet meer perfect aansloot bij de uit te voeren activiteiten. De insteek van het masterplan hier was daarom duidelijk: trek de historische optelsom uit elkaar en zorg opnieuw voor een zuivere, functionele (infra)structuur.

 

Om dit te realiseren werden er vier fases uitgetekend:

  1. De bouw van een therapietoren die verbonden wordt met het bestaande gebouw
  2. De implementatie van een ambulant centrum
  3. De renovatie van het ene deel van het ziekenhuis
  4. De renovatie van het andere deel van het ziekenhuis

 

De piste van het ambulant centrum werd inmiddels min of meer verlaten, maar dit heeft in principe geen invloed op de derde en vierde fase. Al is er nog geen concrete timing voor die renovaties.

 

UZ Leuven Therapietoren“Fase 1 is intussen een feit. De bouw van de therapietoren startte in 2014 met het rooien van de bomen in september, gevolgd door de grondwerken”, blikt Wilfried Lenaerts terug. “We hebben het terrein genivelleerd en vervolgens de grond opgehoogd. We hebben enkele tientallen heipalen in de grond ingebracht om voldoende stabiliteit te hebben voor deze toren van toch wel enige hoogte. De grondonderzoeken hadden aangetoond dat funderen op staal niet voldoende zou zijn. Drie jaar na de start, op 11 september 2017, kon de toren officieel geopend worden.

 

Alle therapieën en revalidatieactiviteiten werden overgeheveld naar de nieuwe toren. Een centraal element in het verhaal is de hoge mate van flexibiliteit. Zo hebben de therapeuten niet meer elk hun eigen lokaal waar patiënten langskomen, maar begeeft de therapeut zich naar specifieke ruimtes en lokalen in functie van de revalidatiefase van de patiënt. Denk hierbij aan de oefenbadkamers of oefenkeukens waar patiënten, in deze aangepaste ruimtes, opnieuw bepaalde handelingen kunnen aanleren. Ook het therapiebad is een mooie aanwinst. Op de bovenste verdiepingen vinden we onder meer de sporthal terug, waar er gesport kan worden met een prachtig uitzicht op de omgeving.

 

therapietoren uz leuvenVoor het administratief personeel betekent de nieuwe toren eveneens een aanpassing. De administratieve medewerkers hebben eveneens geen vaste werkplek. Op elke verdieping vind je flexplekken. Je bent niet langer gebonden aan een vaste plek. Ook het gebouw zelf is flexibel. De betonnen structuur vormt het geraamte van het gebouw, maar de vele modulaire wanden laten toe om bepaalde ruimtes efficiënt te herschikken. Deze toekomstgerichte manier van werken zien we steeds vaker.

 

Opvallend aan de nieuwbouwtoren is dat er enkele compensatiemaatregelen getroffen werden met het oog op de brandveiligheid. Johan Michiels licht toe: “De wettelijke vereisten focussen op compartimentering en brandweerstand met het zo lang mogelijk beschikbaar houden van de vluchtwegen in gedachten. Als het brandt, komt het erop aan om de ruimte waar het brandt af te sluiten en de vluchtwegen te vrijwaren. Het automatisch aansturen en sluiten van deuren heeft voordelen, maar ook nadelen. Wij moeten namelijk rekening houden met de vaak erg beperkte mobiliteit van onze patiënten.”

 

“Daarnaast wilden we in deze toren een open gevoel creëren met aangename ruimtes, iets wat de beleving en het herstelproces positief beïnvloedt. Het implementeren van een evacuatiegang van de ene hoek naar de andere zou die filosofie doorprikken. Daarom hebben we een aanvraag ingediend om het vereiste brandveiligheidsniveau te mogen bereiken op een alternatieve manier. Uitdagend, aangezien het een hoogbouw betreft en de vereisten dus sowieso al extra streng zijn”, legt Johan Michiels uit.

 

Therapietoren

 

We overlopen enkele van de brandveiligheidsmaatregelen:

 

Evacuatiestoelen
Overal in de toren vind je evacuatiestoelen terug. Zo kunnen minder mobiele patiënten alsnog gemakkelijk via de trap geëvacueerd worden.

 

Opleidingen
Alle therapeuten krijgen individueel evacuatieopleidingen en die worden regelmatig herhaald. Hierbij wordt uiteraard ook de aandacht gevestigd op het gebruik van de evacuatiestoelen.

 

Overdruk in trappenkokers
De twee onafhankelijke trappenkokers staan in overdruk. Zo worden ze rookvrij gehouden in geval van brand.

 

Liftsas gecompartimenteerd
Zelfs als er water in de liftschacht zou lopen, blijven de (prioritiaire) liften functioneren. De liften werken onafhankelijk van elkaar ondanks het gedeelde sas. Een hoogbouw vereist minstens één prioritaire lift, in de therapietoren zijn er twee.

 

Horizontaal evacueren
De toren is tot aan de vierde verdieping verbonden met de rest van het ziekenhuis. Al deze verdiepingen kunnen dus relatief snel de toren verlaten.

 

Extra sprinklerinstallatie
In laatste instantie werden nog extra sprinklers geïnstalleerd, die coveren het grootste deel van het gebouw.

 

Escape Chair Pellenberg

“Alle installaties, zoals de branddetectie, zijn volledig zoals het hoort geïnstalleerd en we besteden vooral veel aandacht nu aan (de opleiding van) het personeel”, benadrukt Johan Michiels. “Individueel krijgen ze op regelmatige basis een (opfris)opleiding zodat ze daadkrachtig en efficiënt kunnen evacueren, denk maar aan de evacuatiestoelen onder meer, maar we leggen het accent ook op het gebruik van de handblusmiddelen. Daarnaast hebben we ook nog een interventieploeg klaarstaan op de campus. Mocht het ooit branden, zijn we ervan overtuigd dat we de brand snel onder controle kunnen krijgen. Hopelijk komt het natuurlijk nooit zo ver en blijft dit het enige artikel ooit waarin we zo uitvoerig spreken over brand in onze therapietoren.”

 

Dit artikel verscheen in editie 018 van het magazine Zorg&Techniek (zorg.tech)