Het Onze-Lieve-Vrouwziekenhuis omvat campussen in Aalst (± 90 000m2, exclusief parking), Asse (± 16 000m2) en Ninove (± 5 000m2), goed voor in totaal 959 bedden en meer dan 90 000 opnames (inclusief dagkliniek). Het werk staat met andere woorden nooit stil en dat is op de technische dienst niet anders. Directeur Technische Diensten Jeroen Vidts gunt ons een blik op hun werking.

 

Jeroen Vidts, ingenieur van opleiding met een aanvullende master in het industrieel management, staat inmiddels vier jaar aan het hoofd van de technische dienst, die we kunnen opdelen in vier disciplines: technisch onderhoud van gebouwen en installaties, de medisch-technische dienst, het bouw- en projectteam en tot slot de afdeling preventie en milieu.

 

Binnen de eerste discipline, de dienst die instaat voor het onderhoud van de gebouwen en installaties, vinden we de domeinen elektriciteit, communicatie, HVAC, regeltechniek, schrijnwerkerij, mechanica, sanitair en medische gassen. “Dat komt neer op telkens een aantal technici die één of meerdere van die domeinen als specialisatie hebben. Alle technici lopen ook mee in een wachtsysteem, één per campus, dus naast hun specifieke expertise hebben ze ook een allround kennis nodig. En dat is toch wel een uitdaging. Je wil graag over specialisten beschikken voor elk vakgebied, maar je mensen moeten ook van alle markten een beetje thuis zijn. En dat terwijl het er niet eenvoudiger op wordt. Systemen worden complexer en je hebt vaak een mix van oudere en recente installaties. Gelukkig is ons team heel collegiaal en hangt het goed aan elkaar. Als iemand van wacht is en ergens over twijfelt, kan er zonder aarzeling of gemor een collega opgebeld worden die raad geeft.”

 

Binnen het OLV Ziekenhuis werd er gekozen voor een scheiding tussen onderhoud/herstellingen/exploitatie/… en alles wat projectwerk betreft. “De zes medewerkers van het bouw- en projectteam focussen zich op het bouwtechnische, maar staan ook in voor zuiver technische projecten zoals de installatie van een WKK of de vernieuwing van het UPS-systeem. Uiteraard is er veel interactie met de mensen die instaan voor het onderhoud. Het bouw- en projectteam coördineert van A tot Z en zorgt aan het einde van de rit voor een goede overdracht en opleiding bij oplevering. De afgelopen jaren gaat er veel aandacht naar onder meer de vele (ver)bouwwerken in Asse die tot 2020-2021 zullen duren, met als voorlopig hoogtepunt de recente renovatie van het operatiekwartier. In Aalst was de grootste investering de bijkomende nieuwbouw die in de periode 2006-2009 verrees: een uitbreiding van meer dan 45 000 m², een bijkomend operatiekwartier, heel wat extra consultatieactiviteiten… Op dit moment wordt er in Aalst onder andere gewerkt aan een nieuw PET/CT-centrum, een vernieuwing van een lineaire versneller voor radiotherapie en het ombouwen van een cathlabzaal naar OK-condities. In Asse is dat een nieuwe palliatieve eenheid en een vernieuwde keuken en cafetaria.”

 

 

De medisch-technische dienst ontfermt zich ondertussen over het onderhoud van medische apparatuur, audiovisuele apparatuur, etc. Die dienst bestaat uit een tiental mensen. Hun grootste uitdaging bestaat uit het beheer en preventief onderhoud van meer dan 6000 medische toestellen van zeer uiteenlopende aard. Daarnaast speelt ook de dienst preventie en milieu een belangrijke rol. Zij staan in voor alles wat veiligheid en beveiliging betreft, naast milieuaspecten zoals afvalbeheer. In het accreditatietraject spelen zij ook een belangrijke rol wat betreft het verzekeren van een veilige zorgomgeving.

 

Groei is uitdaging geweest

De ziekenhuisgroep kende de voorbije jaren een groei, zorgde dit voor groeipijnen op de technische dienst? “Het heeft toch even geduurd om ons even goed te organiseren als voorheen. Het geheel werd niet alleen groter, maar ook complexer. En dat terwijl onze technische dienst niet in mankracht gestegen is, integendeel. We zorgen er in de eerste plaats voor dat onze technici zich kunnen focussen op kortetermijnproblemen: als er een probleem is op een van de campussen, moet dat snel aangepakt kunnen worden. Uitbesteding passen we toe voor complexere taken of specifiek en preventief onderhoud. De campus van Ninove wordt centraal aangestuurd vanuit Aalst, maar ook daar hebben we altijd nog een vaste medewerker die zorgt voor het grootste deel van de permanentie en opvolging. In Asse bestaat het plaatselijke technische team uit vijf personen.”

 

Samenwerking met andere ziekenhuizen

Ook in de Denderregio wordt er volop gepraat over netwerkvorming. “Het wordt afwachten wat dat allemaal met zich zal meebrengen voor de technische dienst. Nu is het wel zo dat wij al veel contact hebben met het Algemeen Stedelijk Ziekenhuis van Aalst en het AZ Sint-Blasius van Dendermonde. Dat kan gaan om een kostenvergelijking of een organisatievergelijking, om van elkaar te leren, maar ook om te bekijken of er op lange termijn synergieën mogelijk zijn. Maar als we elkaar zouden aanvullen in een netwerk, dan zullen we ons volledig op elkaar moeten afstemmen natuurlijk en een gezamenlijk zorgstrategisch plan uitwerken. Wat gaan we waar inpassen in de architectuur? Boeiende tijden bieden zich aan, zoveel is zeker.”

 

Techniek en hygiëne

Dit artikel verscheen in editie 018  van het magazine Zorg&Techniek (zorg.tech). In deze editie werd ook extra aandacht besteed aan de impact van ziekenhuishygiëne op de technische dienst. Hoe zit dat in het OLV Ziekenhuis? “Er is al jaren een evolutie aan de gang op dat vlak, die niet toevallig samenvalt met de accreditatiebeweging. Voor elk project, elke werkzaamheid, wordt er samen met de dienst ziekenhuishygiëne een risicoanalyse gemaakt. Dan worden er maatregelen en afspraken gemaakt in functie van de risicoklasse. Het vergt veel voorbereiding en opvolging, zowel voor ons als voor de collega’s van dienst ziekenhuishygiëne. Het is niet altijd gemakkelijk om een evenwicht te vinden, maar we vinden altijd wel een oplossing. De samenwerking is heel goed.”