Personeel en bewoners samen het rusthuis laten beheren en de ouderen het gevoel geven dat het hun eigen huis is. Dat is het basisidee van het Tubbemodel, dat zijn oorsprong heeft in Zweden en geïnspireerd is op de visie van de Deense pedagoge Tyra Frank. In Vlaanderen zijn er drie zorginstellingen die als pilootproject het systeem al een tijdje toepassen. vzw Open Kring in Ardooie is er daar een van. Directeur Renaat Lemey is enthousiast en geeft ons vanuit de praktijk graag een woordje uitleg.

 

 

Het is inmiddels zo’n zes jaar geleden dat Renaat Lemey de overstap maakte van jeugdzorg naar ouderenzorg. De directeur van vzw Open Kring bracht zijn visie mee waarbij een relatiegerichte aanpak centraal staat. “Wat boeit mensen? Wat verbindt mensen? Participatie is altijd belangrijk geweest voor ons en het Tubbemodel sluit daar helemaal op aan”, vertelt Renaat.

 

 

Tubbemodel
Klik op het kader om de tekst te vergroten

 

 

Het Tubbemodel is in Zweden ontstaan en is geïnspireerd op een theorie van Tyra Frank, een Deense pedagoog. Zij was een van de grondleggers van vernieuwende vormen van wonen voor ouderen. De Zweden hebben haar visie vertaald naar hun specifieke context en noden. Ze werden namelijk geconfronteerd met een tekort aan zorgkundigen en verpleegkundigen in bepaalde regio’s, zoals ook in Tjörn. Het vraagstuk bij hen was: Hoe zorgen we voor een model dat goede zorg biedt met maximale betrokkenheid waarbij de bewoners alles hebben wat nodig is en waarbij het doenbaar is voor het personeel? De Universiteit van Göteborg sprong mee op de kar en was zo de wetenschappelijke ruggengraat van het project.

 

 

“In Vlaanderen is de context anders, zoals er in elke regio een andere setting is, maar dat is het mooie aan het Tubbemodel. Het biedt heel veel kapstokken waardoor je als zorginstelling zelf je accenten kan leggen. De elementen uit het model die wij hier in Ardooie tot nu toe gelegd hebben zijn bijvoorbeeld niet dezelfde als die in woonzorgcentrum Floordam in Melsbroek, een ander pilootproject in Vlaanderen. Het is een procesverhaal waarbij je zelf evalueert wat werkt en wat bijgestuurd moet worden”, licht Renaat toe.

 

 

Stappenplan Tubbemodel
Klik op het kader om de tekst te vergroten

 

 

Renaat Lemey Tubbemodel
Renaat Lemey staat ook zelf dicht bij de bewoners

Er zijn momenteel pilootprojecten aan de gang in zowel Vlaanderen als Wallonië. Het is de Koning Boudewijnstichting (die zorgt voor financiële ondersteuning) die samen met Zorgnet-Icuro (coaching van de uitgekozen Vlaamse woonzorgcentra) de Zweedse methode naar ons land bracht. De zorginstellingen werden op basis van een screening geselecteerd. “Wij waren erop gebrand om dit model te mogen uitproberen. Ouderen van morgen gaan veel meer dan nu hun stempel willen drukken op hun woonzorgcentrum. Het is geen eenrichtingsverkeer meer waarbij bewoners het aanbod zonder verpinken volgen, we zijn ervan overtuigd dat je als ouderenzorginstelling moet inspelen op hun vraag. Je kan veel meer halen uit de relatie bewoner-zorgmedewerker/zorginstelling dan nu doorgaans het geval is in onze Vlaamse ouderenzorginstellingen”, zegt Renaat vol overtuiging.

 

 

Het profiel van de bewoners verandert ook. De ouderen die in de toekomst in een woonzorgcentrum hun intrek nemen, zullen een andere ingesteldheid hebben. Zij hebben, in tegenstelling tot de huidige generatie, geen wereldoorlog meegemaakt bijvoorbeeld. Ze komen uit een cultuur die van kindsbeen af al opener was, waarin mensen zich konden ontwikkelen.

 

 

Dit verhaal draait uiteraard niet alleen om de bewoners, maar ook om de medewerkers. Het is een visie die gedragen moet worden door de medewerkers, want ook van hen vereist het een andere manier van denken. Daarom is het belangrijk een breed draagvlak te creëren en elk succes dat voortvloeit uit het model te vieren. “Het is echt een bottom-upverhaal. Het moet groeien vanop de vloer, bij de bewoners en bij de medewerkers. Het woord tubbe is hier voor het eerst gevallen in 2016 in ons vergaderlokaal na een werkbezoek aan Zweden. Een Zweedse delegatie is in februari 2017 naar hier op bezoek gekomen om hun innovatief model toe te lichten en de bewoners waren daar bij, ze werden van bij het begin betrokken. Want je zal merken, betrokkenheid is de sleutel tot succes in dit verhaal. De inbreng van de bewoner, de bezoeker van het dagverzorgingscentrum en de medewerker, de familie… is van iedereen evenwaardig.”

 

 

Tubbemodel Ardooie

 

De vrees voor chaos is ongegrond, meent Renaat. “Het is niet omdat je inspraak vanop alle fronten toelaat, dat je je organisatie in chaos zal hullen. Integendeel, het verloopt allemaal heel erg gestructureerd. Het model wordt gestuurd door verschillende thematische werkgroepen. Zij zorgen ervoor dat de dynamiek erin blijft en zien erop toe dat er geen stappen worden overgeslagen. Werk met kleine aanpassingen die telkens verder bouwen op een voorgaande succesvolle stap.”

 

 

De inspraak speelt zich af op drie niveaus: Individu – Organisatie – Maatschappij.

 

Individu
“De individuele factor is de makkelijkste. Dat is bijvoorbeeld een bewoner die aangeeft dat hij later wil ontbijten omdat hij zich beter voelt als hij een uur langer kan slapen. Deze zaken hebben weinig impact op de organisatie en kunnen makkelijk uitgevoerd worden.”

 

Organisatie
“Uit een bevraging bleek dat veel bewoners oordeelden dat het middagmaal nogal vroeg kwam. Kunnen we niet later eten? Een dergelijk voorstel heeft al meer impact op je organisatie. Je moet bepaalde interne processen bijsturen en dat laten we ook zien aan de bewoner.”

 

Maatschappij
“Tot slot is er het meest uitdagende niveau, de maatschappij. Zo komen de gemeenteraadsverkiezingen eraan en dat leeft. Gaan we allemaal kunnen stemmen? We willen daarom een aanvraag indienen om een stemhokje te plaatsen in ons woonzorgcentrum.”

 

 

Het model werkt pas optimaal als je focust op betrokkenheid. “Het mag geen eenrichtingsverkeer zijn waarbij je je cliënt bevraagt om hen vervolgens niet meer te betrekken bij de eigenlijke uitvoering. De bewoners moeten hun suggesties en ideeën zelf mee helpen uitvoeren. Laat hen meedenken: Is dit haalbaar? Is dit betaalbaar? Je moet de bewoners en de medewerkers een plaats geven in de uitvoerende fase. Het vergroot de betrokkenheid en het welbevinden. Geef hen zeggenschap over het budget bijvoorbeeld. In Zweden ondervonden ze dat ze zich zo betrokken voelden dat ze nooit de laatste euro of kroon hebben uitgegeven. Ouderen voelen zich zo ook nog echt nuttig. Want ook dat is een vraag die speelt: Hou kunnen ouderen zich in hun laatste grote levensfase toch nog altijd nuttig voelen?

 

 

Tubbemodel bewoners
Klik op het kader om de tekst te vergroten

 

 

Integratie met het onderwijs

“Als nieuwe medewerkers hier starten, moeten we hen vanaf het begin meenemen in dat verhaal”, benadrukt Renaat. “Dit model vraagt enige inwerking en aanpassing. Het DNA van je woonzorgcentrum is veranderd en dat moet er bij iedereen ingebakken zitten. Als dit model van grotere participatie meer en meer ingang vindt in Vlaanderen en Wallonië, zal ook het onderwijs hier een rol in moeten spelen door dit participatieverhaal op te pikken in hun leerplan.”

 

 

Zoals de Universiteit van Göteborg in Zweden zorgt voor de wetenschappelijke achtergrond en opvolging, doet Thomas More dit in Vlaanderen. “Wij staan doorlopend in contact met hen, want er moet wel een academische onderbouw blijven. Onder meer via gestructureerde interviews peilen ze of het welbevinden effectief stijgt. Intern hebben we ook een externe procesbegeleider aangesteld dat, bewust vanop afstand, ons stappenplan opvolgt. We zitten geregeld samen op structurele wijze met enkele sleutelfiguren om te overlopen wat gelukt is, wat niet, wat we eruit kunnen leren…”, aldus Renaat.

 

 

Tips Tubbemodel
Klik op het kader om de tekst te vergroten

 

 

Meer weten over het Tubbemodel en de toekomst ervan in Vlaanderen?

“Een woonzorgcentrum moet meer dan ooit het kloppende hart van een gemeenschap vormen waarbij onze bewoners één zijn met de omgeving. Dat is waar we in Vlaanderen nog moeten aan werken, aan de link met de omgeving. Een grote uitdaging in het algemeen wordt om het model ook te ontwikkelen bij mensen met een dementieproblematiek. In Tjörn zijn ze daar nu volop mee bezig. Het Tubbeverhaal is een proces dat in constante evolutie is. Het model even proberen, dat is geen optie. Hiermee starten betekent bereid zijn om je zorgstrategisch plan hierdoor de komende jaren te laten sturen. Betrek je raad van bestuur hier dus zeker tijdig bij”, besluit Renaat Lemey.

 

In de nabije toekomst wil de Koning Boudewijnstichting inzetten op informatiedoorstroming. Renaat Lemey zelf spreekt over zijn ervaringen met het Tubbemodel, in het algemeen en specifiek toegepast op zijn ouderenzorginstelling, op de beurs Health&Care in Flanders Expo Gent (24-25-26 april).